Pagina's

dinsdag 15 september 2015

Ongerepte bosgebieden: Worden ze nu wél beschermd?

Time flies! Het is nu een jaar geleden dat FSC-leden de keuze maakten voor een betere bescherming voor ongerepte bosgebieden. Hoe staat het er nu voor in de uitvoering? Neemt FSC de bescherming van ongerepte bosgebieden serieus ter hand?
Wat werd er besloten? 
September vorig jaar werd een belangrijke motie – 'motie 65’- besproken tijdens de algemene leden vergadering van het keurmerk: zouden FSC standaarden versterkt moeten worden om ongerepte bosgebieden te beschermen? Meer dan 90% van de aanwezige leden stemden vóór!

Voor wie het niet meer weet: ongerepte bosgebieden, of Intact Forest Landscapes, zijn aaneengesloten boslandschappen waar nog geen significante menselijke activiteit heeft plaatsgevonden en die groot genoeg zijn om de inheemse biodiversiteit te behouden – minstens 50000 hectare. Volgens de motie moeten ook de activiteiten en rechten van inheemse en lokale bevolking van deze gebieden in acht worden genomen. Zij zijn namelijk de beste bosbeschermers!

Hoe staat het er nu voor?
Een jaar is snel voorbij, zeker als je kijkt naar de ingewikkelde manier waarop FSC besluiten neemt en hun beperkte mankracht hiervoor. De motie moet uitgevoerd worden, dat staat vast, maar hoe en door wie? Alle belangen- milieu, economie en sociaal- moeten evenredig vertegenwoordigd zijn in de uitvoering, en hoewel dat juist de kracht is van FSC kost het daardoor ook veel tijd om de boel op gang te krijgen. En de daadkracht spettert er jammer genoeg nog niet van af. Procedures, moties, vergaderingen, dikke plannen, presentaties, allemaal geduldig papier.

In de tussentijd zitten de tegenstanders niet stil. Ik heb al verschillende presentaties gezien waarbij houtindustrie en hun vertegenwoordigers het bestaan en belang van ongerepte bosgebieden tegenspreken. Niet verwonderlijk, want ze knijpen hem gewoon. Houtbedrijven willen kunnen blijven kappen zonder teveel gedoe en bescherming en ze willen de ‘primary forest premium’ niet kwijt. Dat is een soort bonus: als je voor het eerst een ongerept bos kapt oogst je een hoeveelheid hout uit die niet meer geëvenaard wordt. Kassa.
En in een jaar zijn er wel weer tienduizenden vierkante kilometers ongerepte bossen verdwenen in landen als Canada, Kameroen en Brazilië. Daarnaast blijkt uit recent wetenschappelijk onderzoek dat er nog maar heel weinig wildernis overblijft: 70% van de bossen ligt op minder één kilometer van een verstoring als een bosrand, of een weg.

Gaat het nog lukken?                                      
FSC presenteert zich als de beste standaard in verantwoord bosbeheer en andere standaarden opereren inderdaad lang niet zo vergaand op ongerepte bosgebieden. Maar er mag zeker wel een tandje bij om échte bescherming binnen FSC-gebieden waar te maken.

Gelukkig waren de opstellers van de motie zo slim om een deadline erin op te nemen. Als er eind 2016 nog niks geregeld is, dan gaat er een clausule in werking die de kerngebieden van IFLs dichtgooit voor verdere ontwikkeling. Hopelijk komt het niet zo ver en gaat FSC samen met de leden koppen met spijkers slaan.

 

zaterdag 13 september 2014

Een sprank hoop voor het beschermen van ongerepte bosgebieden door FSC



Ik wil iedereen die de afgelopen weken meegeholpen heeft in de campagne voor een sterker FSC heel erg bedanken! Gisteren heeft de algemene vergadering van FSC de motie voor het beschermen van ongerepte bosgebieden – onder bossenfanaten bekend als Intact Forest Landscapes – met zeer overtuigende meerderheid aangenomen. En dat was nooit zo goed gelukt zonder alle offline en online steun van jullie! De FSC vergadering kreeg fleur en urgentie door alle tweets, vallende blaadjes tijdens de lunch en ‘IFL’ cocktails als de ‘Boreal Love’ en ‘Forest Breeze’.

De ongerepte bosgebieden zijn onze laatste wildernissen. Lokale en inheemse bevolking beschermt deze bossen al eeuwenlang door er simpelweg te wonen. Juist in deze bossen zijn bedreigde diersoorten nog goed vertegenwoordigd. 
Ik ben opgelucht dat de motie is aangenomen. Toen we deze week begonnen met onderhandelen zag het er nog heel anders uit. Ons kernteam van onderhandelaars heeft tot op het laatste moment rond de klok gewerkt om uit de economische en sociale kamer cruciale steun te krijgen. Om een motie erdoor te krijgen bij FSC moet je de helft van elke kamer – sociaal, economisch en milieu – en 2/3 meerderheid halen van de totale gewogen stemmen. En dat is overtuigend gelukt. Uiteindelijk werd de motie gesteund door 90,64 procent van de stemmen.

Gelukt!: Stemuitslag van motie 65
We stemmen met deze blaadjes. Greenpeace hoort bij de milieukamer.

Maar dat betekent ook compromissen sluiten, zowel met vertegenwoordigers van de industrie als de sociale kamer en inheemse vertegenwoordigers. Er zijn meer dan 20 versies van de motie geweest. Eindeloos sleutelen tot iedereen er mee kan leven. En daarom is het zeker niet alleen feest voor mij. De compromissen wegen zwaar. Zeker voor de bossen van het Congo Bekken maak ik me zorgen dat er tóch nog teveel ruimte is voor de industriële houtkap die de ongerepte bosgebieden uiteindelijk de das om doet.

We gaan het de komende jaren zien en beleven. De motie vraagt om op regionaal niveau FSC standaarden zo aan te passen dat de indicatoren bescherming garanderen. Het echte werk in de bossenregio’s moet nú gaan gebeuren. FSC liet er geen gras over groeien, pakte meteen het werk op en riep alle FSC kantoren uit de belangrijke bossenregio’s diezelfde avond nog bij elkaar om alvast de eerste stappen te zetten.

Hopelijk zijn het de juiste stappen zodat we uiteindelijk de bescherming van ongerepte bosgebieden en de enorme waarden die ze vertegenwoordigen voor elkaar gaan boksen. Ik heb in ieder geval een sprank hoop erbij gekregen.

dinsdag 9 september 2014

Voldoende bescherming van ongerepte bosgebieden door FSC?


Twee dagen duurt de FSC Algemene Vergadering nu. En ik ben al uitgeput. Dat is helaas niet van het harde werk, maar een hardnekkige koorts die me in de tang heeft. Voortgedreven door de aspirine heb ik toch nog gesprekken kunnen voeren over ongerepte bosgebieden. Helaas lijkt het erop dat we nog veel werk hebben binnen FSC om deze waardevolle gebieden beter te beschermen. Ik hoop dat deze week tot dat resultaat gaat leiden!

Hier in Spanje zijn alle drie de kamers – sociaal, milieu en economisch - van FSC bij elkaar. Het is een enorm divers gezelschap. Van vertegenwoordigers van inheemse volkeren uit Kenya in klederdracht tot directeuren van grote bedrijven als Ikea en Tetra Pak die strak in het pak zitten. Op deze vergadering worden moties aangenomen die de komende drie jaar de richting van FSC verder moeten bepalen. Voor Greenpeace hét moment om betere bescherming van ongerepte bosgebieden voor elkaar te krijgen.

De eerste vraag die we krijgen tijdens gesprekken is wat ongerepte bossen, of ‘intact forest landscapes’ precies zijn. Daar kunnen we gemakkelijk op antwoorden. Het zijn aaneengesloten boslandschappen van minstens 50.000 hectare groot waar nog geen significante menselijke activiteit heeft plaatsgevonden. En die zo groot zijn dat de inheemse biodiversiteit behouden kan blijven.

Afrormosia houtkap in Congo
Een lastigere discussie is wat nu precies degradatie inhoudt. Zeker de boseigenaren die zelf in ongerepte bossen werken, vinden dat zij juist het bos goed behouden. Maar industriële houtkap is wel degelijk een voorbeeld van deze ‘significante menselijke activiteit’ die ongerepte bossen degradeert. Er worden wegen aangelegd ver het bos in en het kappen en vervoeren van bomen vindt plaats met behulp van grote machines. Hierdoor wordt het bos in blokjes gedeeld, versnipperd, wat grote impact heeft op de biodiversiteit. Dit filmpje van RoadFree laat het goed zien.


Vorige week lanceerde Greenpeace samen met wetenschappelijke instituten een nieuwe kaart waar de degradatie van ongerepte bossen pijnlijk duidelijk wordt. Sinds 2000 is 8% van het totale oppervlak aan ongerepte bossen verdwenen. Dat is meer dan 10 miljoen hectare ongerept bos, wat ongeveer gelijk is aan drie keer de oppervlakte van Duitsland.

Ook in FSC gecertificeerde bossen zien we degradatie van de ongerepte bosgebieden. En dat moet stoppen. FSC ondermijnt hiermee haar eigen principes over bosbescherming. Daarom werken mijn collega’s en ik deze week er hard aan om een motie er doorheen te krijgen die regelt dat ongerepte bosgebieden beter beschermd worden.

Over een week hoop ik jullie te berichten over een goede uitkomst. Help ons mee en tweet over een sterker FSC zodat wij hier op de vergadering ook jullie mening kunnen horen.

woensdag 27 augustus 2014

Bossen beschermen door bomen te kappen?


Als mensen vragen wat zij als consument kunnen doen om bossen te beschermen, komt ons antwoord als Greenpeace vaak neer op een paar simpele dingen: wees zuinig met hout en papier, probeer producten te recyclen en als je dan nieuw hout of papier moet kopen, kijk vooral naar hout uit je eigen regio en met het FSC logo. Dat zou je de meeste zekerheid geven dat je niet bijdraagt aan illegale kap, ontbossing en degradatie van de mooiste plekjes op aarde: onze bossen.

FSC gecertificeerde houtkap in Brazilie. Greenpeace/Oliveira
Maar na 20 jaar zien we dat FSC niet altijd goed werkt en er flink werk aan de winkel is, wil het een geloofwaardig middel blijven voor consumenten. Daarom gaan mijn collega’s en ik naar de ‘General Assembly’, de algemene vergadering van FSC in september. Dat is dagenlang vergaderen en veel papierwerk met punten en komma’s zetten in moties. Maar het is belangrijk, en ik wil hier vertellen waarom.

Wat is FSC en waarom is het belangrijk?

Het is een decennia oude discussie: Kun je door beter bomen te kappen het bos redden? Dat ontbossing moet stoppen is voor bijna niemand een vraagteken. Ontbossing en degradatie van bossen leiden tot het uitsterven van planten en dieren, dragen bij aan gevaarlijke klimaatverandering én versterken van armoede en sociale conflicten voor mensen die van het bos afhankelijk zijn.

In de jaren tachtig kwam de grootschalige ontbossing van tropische en boreale bossen volop in de media. Activisten en maatschappelijke organisaties riepen op tot boycots van dit destructief gekapte hout om een adempauze voor het bos te krijgen, terwijl er onderhandeld werd voor internationale wetgeving om bossen wereldwijd te beschermen.

Dat laatste is nooit gelukt. Begin jaren negentig kantelde de strategie en schaarden maatschappelijke organisaties zich daarom achter een compromis. Ze zouden zich vanaf dan gaan inzetten voor verantwoord bosbeheer. En dat promoten via een vrijwillig marktmechanisme zodat consumenten konden kiezen voor goed hout.

 
Bossen actie in Brussel. Greenpeace/Philip Reynaers
In 1993 is vanuit die discussies tussen bedrijven en maatschappelijke organisaties de ‘Forest Stewardship Council’ (FSC) geboren. Greenpeace was erbij. Het werd heel slim opgezet. De belangen die er wezenlijk toe doen voor bosbescherming - milieu, sociaal en economisch – zijn evenredig verankerd in belangrijke organen van FSC, zoals het bestuur.
 
Maar al snel kwam er verdeeldheid. Waar zat eigenlijk de balans tussen economisch rendabel opereren met flinke volumes hout op de markt en de ecologische en sociale standaard hoog houden? Was FSC vooral bedoeld als topstandaard voor bosbescherming of een tool voor bedrijven om de markt te voorzien van ‘goed hout’.
  

FSC: geloofwaardigheid staat op het spel

Die balans vindt ook Greenpeace nu - na 20 jaar FSC - steeds meer zoek. Er is op het moment meer dan 180 miljoen hectare bos en plantage gecertificeerd. FSC is daarmee hard gegroeid, maar ook scheefgegroeid. Andere, kwalitatief veel zwakkere, certificeringssystemen werden door bedrijven en overheden ontwikkeld. Daar moet FSC mee concurreren. Een ‘race to the bottom’. Daarnaast worden de belangen van bedrijven beter behartigd. Daar zit nu eenmaal meer geld en capaciteit dan bij maatschappelijke organisaties om invloed uit te oefenen.

Greenpeace liet de afgelopen jaren aan de hand van case studies zien waar het mis gaat met FSC. Die studies tonen dat FSC bijdraagt aan degradatie van ongerepte bosgebieden in Rusland, bedreigde dieren zoals de kariboe in Canada onvoldoende beschermt en in Finland nog wordt kaalgekapt met FSC keur. Maar er zijn ook goede voorbeelden. Dat zijn de pareltjes waarbij FSC wél werkt.

En nu? Hoe maken we FSC beter?

Deels door die goede ervaringen is Greenpeace nog steeds lid van FSC en aan het knokken voor een sterk FSC. Daarom ga ik in september samen met collega’s naar de FSC ‘General Assembly’. Daar wordt door de drie kamers - de milieu, sociale en economische kamer– gediscussieerd en gestemd over noodzakelijke verbeteringen van FSC. Een heel belangrijk moment. Het wordt erop of eronder voor FSC.

Bosolifanten in Centraal Africa. Greenpeace/Filip Verbelen
Onze prioriteit op deze vergadering wordt het beschermen van ‘intact forest landscapes’ of in het Nederlands: ongerepte bosgebieden. Dat zijn grote aaneengesloten boslandschappen, waar nog geen tekenen van grote menselijke verstoring zijn en die groot genoeg zijn om alle inheemse biodiversiteit te behouden. Inclusief dieren zoals de bosolifant en tijger, die grote leefgebieden nodig hebben om te kunnen voortbestaan.

Het gaat op die vergadering over honderd en één onderwerpen. Maar uiteindelijk gaat het over de essentiële vraag: kan je door beter bomen te kappen het bos redden? Ik kan die vraag niet sluitend beantwoorden. FSC heeft in ieder geval niet de ontbossing gestopt. Die zet met 13 miljoen hectare per jaar hard door. En de impact van het betere bosbeheer van FSC is nog niet goed onderzocht. Een recente studie laat zien dat er lokaal wat verbeteringen zijn op het sociale vlak.

Kan je zelf nog iets doen?


Wil je meedoen om FSC op te roepen om sterker te worden en daadwerkelijk bossen te beschermen? Houd dan de komende weken de facebook pagina en twitter van Greenpeace Nederland in de gaten om te zien hoe je mee kunt helpen.

woensdag 9 juli 2014

Bedreigde Dieren en Planten in Geneve

Bedreigde Dieren en Planten in Geneve

9 Juli 2014

Deze week ben ik in Geneve om een vergadering bij te wonen van de CITES, de organisatie die de internationale handel in bedreigde dieren en planten probeert te reguleren. De ‘Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora’ is vooral bekend van de strijd tegen de handel in olifant

Maar waarom ben ik hier dan, als bossencampaigner doe ik toch immers alleen in bomen? Ik ben hier om over de handel in een houtsoort uit Afrika, Afrormosia, te spreken. CITES gaat zeker ook over planten, al hoor je daar meestal niet zoveel over. Een uitstervende orchidee of boom is minder schrijnend dan een gestroopt babyaapje in een veel te kleine kooi en voor velen daarom minder interessant. Maar niet voor mij. Vergeet zeker ook niet dat die mooie beesten ook ergens moeten wonen, juist vaak in het bos. Ook bij het beschermen van de leefomgeving van bedreigde diersoorten kan CITES een handje helpen. Onder CITES zijn tientallen boomsoorten opgenomen die op de internationale houtmarkt verhandeld worden omdat ze met uitsterven bedreigd zijn.

Een van die soorten die beschermd is onder CITES is Afrormosia , ook bekend als Afrikaans Teak, waarvan de Democratische Republiek Congo (DRC) de grootste houtexporteur is. Het is een prachtige boom, die helaas dus ook zeer gewild is op de internationale markt. Er wordt makkelijk duizend euro neergeteld voor een kuub ruw gezaagd Afrormosia hout en dan is het nog niet vervoerd en verwerkt tot een product.

Alleen houdt DRC zich niet aan de afspraken om de soort te beschermen.  De houtindustrie in DRC drijft op deze handel en dan heb je het over veelal illegaal gekapt hout . In de DRC zag ik enorme stapels Afrormosia liggen in de haven . Precies daardoor is de soort bedreigd. België en Italië zijn de hoofdimporteurs van dit hout. In Nederland kom je het soms tegen als parket of fineerhout. 

Zo’n vergadering is eindeloos praten, maar dan komt toch de DRC aan bod en de houthandel. Omdat het land zo’n chaos is, met totaal gebrek aan controles en veel corruptie, heeft CITES besloten om het land onder het vergrootglas te leggen. Wat ik schokkend vind is dat de vertegenwoordiger van de houtindustrie in de officiële delegatie zit van DRC. Gebroederlijk zitten ze naast elkaar in de vergaderzaal. Als de DRC aan het woord komt gaat het alleen maar over het belang van de houthandel en dat CITES moet niet zo moeilijk doen.

Hier put ik niet veel hoop uit. CITES laat namelijk niet vaak genoeg haar tanden zien. En dat zal wel nodig zijn om een eind te maken aan ontbossing in de DRC.  Als CITES het land niet aan de conventie gaan houden, faciliteren ze alleen maar de handel in illegaal gekapt hout en soorten die bedreigd zijn met uitsterven. Als een dag later de Europese Unie een stevige interventie doet en DRC niet zomaar weg laat komen met papieren beloften, lijkt er misschien toch een stapje vooruit mogelijk.

Samen met mijn collega’s in de DRC zullen we campagne blijven voeren tegen de illegale houtkap in DRC en de gerelateerde handel. De ontbossing daar moet stoppen om deze prachtige bomen, en de dieren én de mensen die van het bos afhankelijk zijn, een toekomst te geven.

en, apen en tijgers en alle producten die van bedreigde dieren gemaakt worden. Verschrikkelijke criminele handel die meteen gestopt moet worden en in veel gevallen door CITES dus ook gewoonweg verboden is.